Terug naar hoofdinhoud

Uitspraak Hoge Raad hoogte belastingrentepercentage vennootschapsbelasting

De Hoge Raad heeft op 16 januari 2026 beslist dat de Belastingdienst het hogere belastingrentepercentage niet mag toepassen op de vennootschapsbelasting. Daarom zal voor de vennootschapsbelasting hetzelfde belastingrentepercentage gelden als voor de andere belastingen.

Wat betekent dit voor de massaal bezwaarprocedure?

De uitspraak van de Hoge Raad over het belastingrentepercentage voor de vennootschapsbelasting heeft de volgende gevolgen:

  • Uiterlijk op 26 februari 2026 doet de inspecteur 1 collectieve uitspraak op de bezwaren vennootschapsbelasting die vallen onder het massaal bezwaar. Zodra die uitspraak er is, kunt u die lezen op de website van de Belastingdienst en in de Staatscourant.
  • De Belastingdienst gaat de uitspraak van de inspecteur toepassen op alle bezwaren die vallen onder het massaal bezwaar tegen het belastingrentepercentage voor de vennootschapsbelasting.
  • Zodra de Belastingdienst deze bezwaren hebben afgerond, sturen zij u hierover bericht.

Hebt u op tijd bezwaar gemaakt tegen de hoogte van het belastingrentepercentage voor de vennootschapsbelasting? Dan hoeft u niets te doen. Wacht af totdat u bericht van de Belastingdienst krijgt.

Meer informatie

Lees meer over het massaal bezwaar bij Massaal bezwaar voor de hoogte van het belastingrentepercentage - wat betekent dit voor mijn bezwaar?.

Lees meer …Uitspraak Hoge Raad hoogte belastingrentepercentage vennootschapsbelasting

  • Raadplegingen: 35

Pensioenen dankzij nieuwe stelsel flink omhoog

De pensioenen die het afgelopen jaar zijn overgegaan op het nieuwe stelsel zijn dankzij die overstap gemiddeld met 14% verhoogd. Het betreft een structurele verhoging. Dit is mogelijk doordat in het nieuwe stelsel buffers gerichter worden ingezet en er dus een lagere buffer nodig is. Een groter deel van iedere euro kan daardoor naar de pensioenuitkering. Inmiddels is meer dan de helft van de Nederlanders met een pensioenregeling over op het nieuwe stelsel. Dat schrijft minister Mariëlle Paul van Sociale Zaken en Werkgelegenheid in de voortgangsrapportage over de Wet toekomst pensioenen.

Minister Paul: “Met het nieuwe stelsel krijgen Nederlanders een pensioen dat makkelijker stijgt, transparanter is en past bij werknemers die niet meer 40 jaar bij 1 werkgever zitten. De overgang ligt goed op stoom. De helft van de pensioendeelnemers is al overgestapt en plukt nu de vruchten van dit nieuwe stelsel. In de sector wordt hard gewerkt om ook de overige pensioenen de komende 2 jaar zorgvuldig over te laten gaan. Wij blijven daarom nauw in contact met de pensioenfondsen, de verzekeraars en de toezichthouders.”

Structurele verhogingen

De verhogingen bij de overgang op het nieuwe stelsel zijn structureel. Ook is er meer perspectief op verdere verhogingen de komende jaren. In het nieuwe stelsel komt een groter deel van de ingelegde premie en het behaalde rendement beschikbaar voor de pensioenuitkering. De verwachting van pensioenfondsen is daardoor dat de jaarlijkse kans op verhogingen veel groter is dan de kans op een verlaging.

Aantal fondsen dat over is op nieuwe stelsel

Op dit moment zijn er 30 pensioenfondsen/-kringen overgestapt op het nieuwe stelsel. Er zijn nog 6 fondsen die het komende half jaar volgen. Eind dit jaar maken nogmaals 15 fondsen de overstap. 61 fondsen maken de overstap in 2027, waarna de laatste 25 fondsen op 1 januari 2028 overgaan.

Einddatum blijft ongewijzigd

De minister concludeert dat er op dit moment geen aanleiding is om de uiterste transitiedatum te verschuiven. Deze blijft staan op 1 januari 2028. Dit is in lijn met het advies van de regeringscommissaris voor transitie pensioenen prof. dr. Fieke van der Lecq. Wel blijven er zorgen over pensioenregelingen van kleine werkgevers. Veel van deze regelingen moeten nog worden overgezet. De minister benadrukt dat het van groot belang is dat kleine werkgevers in actie komen. Het ministerie neemt samen met werkgeversorganisaties maatregelen om werkgevers te informeren en ondersteunen.

De totale beheerkosten voor het administreren van 10,7 miljoen pensioenen stegen in 2024 met € 220 miljoen naar € 1,4 miljard. Dit is een stijging van 17,7%. Voor een deel zijn dit eenmalige kosten door de voorbereidingen op de overgang. Ook wordt de overgang aangegrepen om te investeren in de ICT-systemen. De verwachting is dat de kosten na afloop van de transitie weer dalen.

Lees meer …Pensioenen dankzij nieuwe stelsel flink omhoog

  • Raadplegingen: 35

Innovatie voor koolstofverwijdering belangrijk: nieuwe subsidie

In maart 2026 gaat bij Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) de vooraanmelding openen voor een nieuwe subsidie voor koolstofverwijdering. Koolstofverwijdering is een manier om de CO2-uitstoot die klimaatopwarming veroorzaakt, uit de lucht te halen en langdurig op te slaan. De subsidie is voor ondernemers en kennisinstellingen. Samen zetten zij zich in voor het ontwikkelen van innovatieve technieken.

De overheid investeert en roept ondernemers op hetzelfde te doen 

Nederland werkt toe naar een klimaatneutrale toekomst in 2050. Dit betekent dat we zorgen dat het klimaat niet verder verandert door minder broeikasgassen als koolstofdioxide (CO2) uit te stoten. Of door de overgebleven uitstoot te compenseren. Zodra we deze stappen hebben uitgevoerd, zal er nog restuitstoot zijn. Het volgende doel is om meer CO2 te verwijderen dan uit te stoten. Dit doen we om de restuitstoot te compenseren. Een ander woord hiervoor is netto negatieve emissies. 

Technologie niet klaar voor verwijderen grote hoeveelheden 

Koolstofverwijdering speelt dus een belangrijke rol bij het behalen van onze klimaatdoelen. Maar de technologie voor het verwijderen van koolstof is er nu nog niet klaar voor om grote hoeveelheden koolstof te verwijderen. Daarom investeert de overheid in het onderzoeken en ontwikkelen van technieken voor koolstofverwijdering. RVO roept ondernemers en kennisinstellingen op een vooraanmelding te doen als zij interesse hebben in de nieuwe subsidie MOOI: Koolstofverwijdering. De vooraanmelding is verplicht om mee te kunnen doen aan de definitieve aanvraagronde.

Aanvragen subsidie koolstofverwijdering 

Ondernemers en kennisinstellingen vragen de nieuwe subsidie aan binnen de bestaande subsidieregeling Missie gedreven Onderzoek, Ontwikkeling en Innovatie (MOOI). Met deze subsidie werken zij samen met andere partijen aan vernieuwende oplossingen. Zo helpen zij om onze klimaatdoelen te halen. De subsidie MOOI gaat 2 keer per jaar open en bestaat uit een vooraanmelding en een definitieve aanvraag. De nieuwe subsidie is een nieuw thema met een eigen budget binnen de al bestaande MOOI-regeling.

Matchmaking MOOI- en EKOO-subsidie

Op dinsdag 3 maart organiseren de Topsector Energie (TKI) en RVO een matchmaking voor de subsidieregelingen MOOI: Industrie, MOOI: Koolstofverwijdering en EKOO: Industrie. Tijdens deze matchmaking legt RVO de subsidies en het aanvraagproces uit. Daarna volgt de daadwerkelijke matchmaking, waarin u kennis kunt maken met toekomstige samenwerkingspartners. De matchmaking vindt plaatst op dinsdag 3 maart in Utrecht. Meer informatie volgt nog. 

Lees meer …Innovatie voor koolstofverwijdering belangrijk: nieuwe subsidie

  • Raadplegingen: 34

Inflatie 3,3 procent in 2025

De prijzen van consumentengoederen- en diensten waren in 2025 gemiddeld 3,3 procent hoger dan in 2024, maakt het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) bekend. In 2024 was de inflatie ook 3,3 procent. De inflatie wordt gemeten als de ontwikkeling van de consumentenprijsindex (CPI) ten opzichte van het voorgaande jaar. De prijsontwikkelingen van huisvesting, voedingsmiddelen en alcoholvrije dranken hadden de grootste bijdrage aan de inflatie in 2025.

Huisvesting draagt meest bij aan de inflatie

De prijsontwikkeling van huisvesting had een belangrijke bijdrage aan de inflatie van 2025. Deze wordt in de CPI voor zowel huurwoningen als eigen woningen gemeten aan de hand van de ontwikkeling van de woninghuren. In 2025 waren de woninghuren gemiddeld 5,1 procent hoger dan in 2024. In 2024 was de prijsstijging 3,7 procent.

Voedingsmiddelen duurder

Ook voedingsmiddelen en alcoholvrije dranken hadden een grote bijdrage aan de inflatie in 2025. Deze waren gemiddeld 4,0 procent duurder dan een jaar eerder. In 2024 was dit 1,7 procent. De voedingsmiddelen en dranken met de grootste prijsstijging in 2025 zijn rundvlees (23,0 procent), koffie (20,3 procent), cacao (18,8 procent), chocolade (18,4 procent) en boter (11,2 procent).

Vliegtickets en mobiele telefonie drukken inflatie

De prijsontwikkeling van vliegtickets had een drukkend effect op de inflatie van 2025. Vliegtickets waren in 2025 gemiddeld 7,2 procent goedkoper dan in 2024. Ook een mobiel abonnement (-6,7 procent) en benzine (-2,4 procent) waren in 2025 goedkoper dan een jaar eerder.

Inflatie eurozone 2,1 procent

Het CBS publiceert twee verschillende cijfers voor inflatie. Een op basis van de consumentenprijsindex (CPI) en een op basis van de Europees geharmoniseerde consumentenprijsindex (HICP). Consumentengoederen en -diensten in Nederland zijn volgens de HICP in 2025 gemiddeld 3,0 procent duurder geworden. In 2024 was de inflatie volgens de HICP 3,2 procent. De inflatie in de eurozone daalde volgens voorlopige cijfers van 2,4 procent in 2024 naar 2,1 procent in 2025.

Verschil CPI en HICP

Om de inflatie tussen landen te kunnen vergelijken, berekenen de lidstaten van de Europese Unie (EU) een consumentenprijsindex volgens internationaal afgesproken definities en methoden. De Europese Centrale Bank gebruikt de HICP voor het monetaire beleid in de eurozone. Daarnaast maken de meeste landen nog een eigen, nationale prijsindex.

Het belangrijkste verschil tussen de CPI en de HICP voor Nederland is dat de HICP in tegenstelling tot de CPI geen rekening houdt met de kosten van het wonen in de eigen woning. In de CPI worden deze kosten berekend aan de hand van de ontwikkeling van woninghuren. Dit is echter niet het enige verschil. In de lange onderzoeksbeschrijving worden deze verschillen verder toegelicht.

Aankondiging: nieuw basisjaar CPI vanaf 2026

Vanaf 2026 gaan de CPI en de HICP over op een nieuw basisjaar, van 2015=100 naar 2025=100. Al gepubliceerde inflatiecijfers worden dan niet herzien. Bij de overgang wordt ook een update van de classificatie van goederen en diensten in gebruik genomen, die beter aansluit bij veranderde consumptiepatronen. Bovendien zal de CPI vanaf 2026 meer aansluiten bij de HICP. De eerste uitkomsten volgens de nieuwe reeks met referentiejaar 2025 worden 4 februari 2026 gepubliceerd. Meer informatie staat in het methodedocument De consumentenprijsindex vanaf 2026.

Meer informatie

In de lange onderzoeksbeschrijving licht het CBS toe wat de CPI meet en op welke manier de index wordt berekend. Het dashboard consumentenprijzen toont de inflatie volgens de CPI en de HICP. Daarnaast worden op het dashboard de prijsontwikkelingen van een aantal consumentengoederen en -diensten in meer detail uitgelicht. De persoonlijke inflatiecalculator geeft inzicht in de ontwikkeling van de consumentenprijzen voor een individueel consumptieprofiel.

Voor de consumentenprijsindex van Caribisch Nederland zie Caribisch Nederland; consumentenprijsindex (CPI) 2017=100.

Bron: cbs.nl

Lees meer …Inflatie 3,3 procent in 2025

  • Raadplegingen: 50

Ondernemers krijgen meer tijd voor subsidieaanvraag warmtenetten

De Warmtenetten Investeringssubsidie (WIS) blijft langer open dan gepland. Ondernemers kunnen nu tot en met 31 augustus hun subsidieaanvraag voor een warmtenet indienen bij Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Dat betekent dat ze meer tijd hebben om hun aanvraag goed voor te voorbereiden, zodat ze meer kans maken op subsidie.

Meer tijd nodig

De geplande sluitingsdatum van deze subsidie was 16 januari. Maar meerdere initiatiefnemers van een warmtenet gaven aan dat zij hun subsidieaanvraag binnen de aanvraagperiode niet goed konden voorbereiden. Met de langere aanvraagperiode krijgen zij genoeg tijd voor een zorgvuldige aanvraag.

Nog veel geld beschikbaar

Er is nog genoeg geld beschikbaar voor ondernemers die in een energie-efficiënt warmtenet willen investeren. Op dit moment is bijna 75% van het beschikbare budget over, zo’n € 150 miljoen. RVO krijgt alle aanvragen binnen, en behandelt deze op volgorde van binnenkomst.

Aanpassingen door nieuwe wetgeving

De Wet Collectieve Warmte is op 9 december 2025 aangenomen in de Eerste Kamer. Door deze nieuwe wet komen er waarschijnlijk grote aanpassingen aan de volgende subsidieronde van de WIS. Die opent eind 2026.

Wie mag een warmtenet aanleggen?

In de nieuwe wet staat bijvoorbeeld wie een warmtenet aan mag leggen. En hoe de overheid hierbij betrokken is. De latere sluitingsdatum van deze subsidieronde geeft het ministerie van Klimaat en Groene Groei en RVO ook de tijd om de volgende subsidieronde goed voor te bereiden.

Aanvragers kunnen meedenken

Op 3 februari is er om 11:00 uur een marktconsultatie in Utrecht. Ondernemers die de WIS hebben aangevraagd, of van plan zijn dat te doen, kunnen dan hun mening geven over de subsidie. Zij kunnen zich aanmelden door een mail te sturen naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Het ministerie en RVO nemen de feedback mee bij de nieuwe subsidieronde. Zo blijft de subsidie zo goed mogelijk aansluiten bij de praktijk.

Lees meer …Ondernemers krijgen meer tijd voor subsidieaanvraag warmtenetten

  • Raadplegingen: 36