Terug naar hoofdinhoud

Cao-lonen in derde kwartaal 6,8 procent gestegen

In het derde kwartaal van 2024 namen de cao-lonen (per uur inclusief bijzondere beloningen) met 6,8 procent toe ten opzichte van hetzelfde kwartaal een jaar eerder. Dit is even hoog als in het laatste kwartaal van 2023. Toen was de cao-loonstijging het hoogst in ruim veertig jaar. Dit meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers.

Van de drie sectoren zijn de lonen in de sector particuliere bedrijven in het derde kwartaal van 2024 het hardst toegenomen met 7,3 procent. In de sector gesubsidieerde instellingen (die voor het merendeel bestaat uit cao’s in de zorg) en bij de overheid stegen de cao-lonen met respectievelijk 7,1 en 5,4 procent. In hetzelfde kwartaal een jaar eerder stegen de lonen bij de overheid nog het meest en die van de gesubsidieerde instellingen het minst.

Lonen in verhuur en handel van onroerend goed stijgen het meest
De cao-lonen zijn in de bedrijfstak verhuur en handel van onroerend goed (woningcorporaties) met 12,4 procent het meest toegenomen in het derde kwartaal van 2024. De horeca behoort met 10,8 procent ook tot de grootste stijgers van het derde kwartaal. De lonen in het onderwijs stegen met 2,1 procent het minst, vorig kwartaal stegen de lonen in deze bedrijfstak met 10,0 procent. Dit komt voornamelijk doordat de lonen bij de twee grootste onderwijscao’s (het primair en voortgezet onderwijs) voor het laatst in het derde kwartaal van 2023 zijn toegenomen.

Reële loonstijging 3,1 procent
De reële cao-loonontwikkeling, waarbij het cao-loon wordt gecorrigeerd voor inflatie, lag het afgelopen kwartaal op 3,1 procent. Deze toename is minder dan in de afgelopen drie kwartalen, maar nog steeds hoger dan een jaar geleden, toen de reële cao-loonontwikkeling afnam met 1,4 procent. Bij het bepalen van de reële loonstijging is net zoals in het vorige nieuwsbericht gebruikgemaakt van de ontwikkeling van de consumentenprijzen, die is berekend met de daadwerkelijk betaalde energieprijzen.

De voorlopige cijfers over het derde kwartaal van 2024 zijn gebaseerd op 95 procent van de cao’s waaruit de statistiek is opgebouwd. Drie kwart van de werknemers valt onder een cao.

In december 2023 is het CBS begonnen met een nieuwe reeks cao-lonen, met als basisjaar 2020. Meer informatie daarover is te lezen in het artikel CBS vernieuwt statistiek cao-lonen; basisjaar verschuift van 2010 naar 2020.

Bron: cbs.nl

Lees meer …Cao-lonen in derde kwartaal 6,8 procent gestegen

  • Raadplegingen: 60

Steeds meer kantoren met minimaal energielabel C

78 procent van het vloeroppervlak aan kantoorruimte voldeed op 1 juli 2024 aan de verplichting om minimaal energielabel C te hebben. Een jaar eerder was dit nog 72 procent. Zo’n 10 procent heeft nog een label D t/m G en 12 procent heeft nog geen label, blijkt uit cijfers van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). De cijfers staan in een Kamerbrief die minister Mona Keijzer van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening (VRO) naar de Kamer stuurde.

Per 1 januari 2023 zijn alle kantoren in Nederland verplicht om minimaal energielabel C te hebben. Met verschillende Rijksorganisaties zijn afgelopen tijd afspraken gemaakt om zo snel mogelijk energielabel C te behalen voor hun kantoren. Om de resterende groep kantooreigenaren te laten voldoen, zijn gemeenten gestart met toezicht en handhaving, waarbij enkele gemeenten al overgegaan zijn tot het opleggen van last onder dwangsom.

Hogere waarde na verduurzaming
Het verplichte energielabel C voor kantoren is dit voorjaar geëvalueerd. Belangrijke uitkomst is dat er een aanzienlijke verbetering is van energielabels in de kantorenmarkt. Er wordt geconcludeerd dat de verplichting geen negatieve gevolgen lijkt te hebben gehad voor kantooreigenaren. Uit onderzoek van Maastricht University blijkt daarnaast dat kantoorgebouwen met betere energielabels meer gewild en waardevaster zijn. Kantoren met een label C of beter zijn 20 procent meer waard dan kantoren met een label D t/m G.

Vergaande verduurzaming rijkskantoren
Daarnaast werken Rijksorganisaties aan de versnelling van vergaande verduurzaming van hun vastgoed. Deze projecten hebben hoge ambities waarbij actief gestuurd wordt op de renovatiestandaard1 en het treffen van klimaatadaptieve, natuurinclusieve en circulaire maatregelen. Dit draagt bij aan de voorbeeldrol die de Rijksoverheid op dit gebied heeft.

Monitoren en verbeteren kwaliteit
De kwaliteit van het energielabel wordt jaarlijks gemonitord. Uit resultaten blijkt dat de kwaliteit van opgenomen energielabels stabiel is gebleven. Met de in 2023 in gang gezette maatregelen zoals een publieke toezichthouder, een grotere controlesteekproef en extra controles bij geconstateerde fouten verwacht de minister de komende tijd dat de kwaliteit van energielabels zal verbeteren.

Op verzoek van de Tweede Kamer heeft de minister onderzoek laten uitvoeren naar de inzet van nieuwe technologieën met als doel de betrouwbaarheid en nauwkeurigheid van de opname en controle van het energielabel te verbeteren. Zo start een verkenning naar automatische controle op de juistheid van energielabels. Veel andere nieuwe ontwikkelingen zijn nog niet voldoende ver of te duur voor energieadviseurs om te kunnen toepassen.

1De renovatiestandaard is het kostenoptimale niveau om naar verduurzamen bij renovatie. Meer informatie: Renovatiestandaard (rvo.nl)

Bron: rijksoverheid.nl

Lees meer …Steeds meer kantoren met minimaal energielabel C

  • Raadplegingen: 45

Nieuwe wet verbetert delen informatie over cyberdreigingen met bedrijfsleven

Het kabinet wil het gehele Nederlandse bedrijfsleven ondersteunen in het verhogen van de digitale weerbaarheid. Vanaf 1 oktober 2024 is daarom de nieuwe Wet bevordering digitale weerbaarheid bedrijven van kracht. De wet zorgt voor een juridische basis om sneller en makkelijker het niet-vitale bedrijfsleven te informeren en te adviseren over digitale kwetsbaarheden, maar ook over cyberdreigingen en -incidenten. Dat is vooral belangrijk voor het midden- en kleinbedrijf (mkb), waarbij voldoende cybersecurity in processen, producten en diensten nog een aandachtspunt is.

In de praktijk zal het Digital Trust Center (DTC) vanuit het ministerie van Economische Zaken hieraan uitvoering geven. Door de wet mag het DTC beschikbare specifieke vertrouwelijke informatie over cyberdreigingen ook daadwerkelijk delen met individuele bedrijven in Nederland. De wet maakt bijvoorbeeld een rechtstreekse informatie-uitwisseling mogelijk tussen overheidsorganisaties die zich met digitale beveiliging bezighouden. Dit zijn het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC), het Computer Security Incident Response Team (CSIRT) voor digitale diensten en het DTC.

Minister Dirk Beljaarts (Economische Zaken): “Natuurlijk heeft iedereen een eigen verantwoordelijkheid op het gebied van cybersecurity. Gezien de toenemende dreigingen en complexiteit is dit voor het mkb een grote uitdaging. We zien dat alleen oproepen om alert online te zijn, niet genoeg is om de mkb’ers en hun klanten te ondersteunen. De impact op onze maatschappij en economie kan groot zijn. Kortom, het is goed om ondernemers te helpen met hun cybersecurity, doordat we nu met deze wet sneller informatie mogen delen.”

Ook de Cyber Security Raad (CSR) adviseerde het kabinet al eerder om tegemoet te komen aan de wens vanuit de maatschappij om ook specifieke dreigingsinformatie te delen. Vanwege toenemende dreigingen is er een dringend belang om verdere stappen te zetten om ondernemend Nederland structureel te kunnen informeren over specifieke digitale dreigingen en kwetsbaarheden. De juridische verankering van het delen van informatie met het niet-vitale bedrijfsleven vanaf 1 oktober is zo’n stap. Tegelijkertijd blijft het Nationaal Cyber Security Centrum (NCSC) het vitale bedrijfsleven (zoals financiële instellingen, energieleveranciers, telecomaanbieders) informeren.

Bron: rijksoverheid.nl

Lees meer …Nieuwe wet verbetert delen informatie over cyberdreigingen met bedrijfsleven

  • Raadplegingen: 24

Nieuwe regeling open voor laadinfra elektrische voertuigen

Vanaf dinsdag 24 september krijgen ondernemers ondersteuning bij de aanleg van laadpunten voor elektrische voertuigen. Dat gaat vanuit de nieuwe subsidieregeling voor laadinfrastructuur in de logistieke sector: SPRILA (Subsidieregeling Private Laadinfrastructuur bij Bedrijven). Ondernemers kunnen subsidie aanvragen om laadinfrastructuur aan te leggen. Ook is er geld beschikbaar voor advies.

Overstap naar elekrisch vervoer
Het aantal elektrische bestel- en vrachtwagens in Nederland groeit. Daarom zijn er ook steeds meer laadmogelijkheden nodig voor de transportsector. Nederland is op weg naar uitstootvrij vervoer in 2050. Veel voertuigen zijn dan elektrisch. De regeling versnelt de overstap naar elektrisch logistiek vervoer, zoals E-trucks, elektrische bestelauto’s en elektrische bussen.

Private laadpunten
SPRILA richt zich op private laadpunten op eigen of gehuurd terrein. Ondernemers kunnen een subsidie krijgen voor de aanschaf en installatie van laadpunten. Daarbij krijgen mkb'ers tot 40% van de kosten vergoed en grotere bedrijven tot 20%. Er is ook een aanvullende subsidie mogelijk voor batterijopslag. Soms is een eigen batterijopslag een oplossing als het elektriciteitsnetwerk een uitdaging is bij de aanleg van laadpalen.

Publieke laadpunten
Naast de SPRILA is er een regeling voor publiek toegankelijke laadpunten voor zwaar wegvervoer, die een bijdrage leveren aan een landelijk dekkend netwerk. Voor deze regeling, Subsidieregeling Publieke Laadinfrastructuur zwaar vervoer (SPULA), is ook een aanvullende subsidie mogelijk voor batterijopslag. Voor SPRILA is er in 2024 € 42 miljoen beschikbaar, en voor SPULA € 15 miljoen.

Aanvragen
Aanvragen voor SPRILA Aanschaf en Advies zijn mogelijk vanaf dinsdag 24 september 9:00 uur tot en met 31 december 2024 12:00 uur. Ondernemers kunnen SPULA aanvragen vanaf dinsdag 1 oktober 9:00 uur tot en met 31 december 2024 12:00 uur. 

Voor SPULA kunnen ondernemers vanaf woensdag 25 september 9:00 uur al een conceptaanvraag klaarzetten. 

Bron: rvo.nl

Lees meer …Nieuwe regeling open voor laadinfra elektrische voertuigen

  • Raadplegingen: 44

Prinsjesdag 2024: extra ruimte, ondersteuning en waardering voor ondernemen

De Nederlandse economie heeft letterlijk ruimte nodig om ons verdienvermogen te kunnen versterken. Het kabinet kiest er daarom op Prinsjesdag voor om in 2025 en daarna extra te investeren in innovatie, strategische technologieën en digitalisering. Tegelijkertijd krijgen het ondernemingsklimaat en de arbeidsproductiviteit steun. Eerder voorgenomen versoberingen van fiscale regelingen voor ondernemers zoals de expatregeling, inkoop van eigen aandelen, mkb-winstvrijstelling en de renteaftrek binnen de vennootschapsbelasting worden grotendeels of geheel teruggedraaid. 

Extra investeren is mogelijk, omdat de economische vooruitzichten voor 2024 (voorspelde groei van 0,6%) en 2025 (1,5%) positief zijn. Met een stijging van de koopkracht van in doorsnee 2,5% dit jaar en 0,7% in 2025 is de voorspelling dat, mede door de aantrekkende lonen, het mogelijk is om het eerdere koopkrachtverlies door sterke inflatie weer in te lopen. 

Minister Dirk Beljaarts (Economische Zaken): “We hebben een nieuwe begroting die ondernemers helpt om te doen waar ze goed in zijn: ondernemen. Lastenverlichtingen zijn doorgevoerd en verzwaringen afgewend. Daarmee laat het kabinet daadwerkelijk zien grote waardering te hebben voor het bedrijfsleven van mkb tot grootbedrijf.”

De minister vervolgt: “Het is nodig om het bedrijfsleven te versterken. Nederland moet immers meer doen met minder mensen. Daarom zijn investeringen in kennis, technologie en innovatie cruciaal. Het kabinet wil dat in 2030 3% van het bruto binnenlands product (bbp) wordt besteed aan onderzoek en ontwikkeling. Dat is niet alleen nodig voor onze banen en inkomsten. Het is ook bittere noodzaak om te voorkomen dat we ongewenst afhankelijk zijn van (half)producten of grondstoffen van landen van buiten de EU.”

€ 1miljard financiering voor innovatieve en startende bedrijven
Financiering is voor ondernemers cruciaal om te kunnen groeien en vernieuwen. Het kabinet stelt € 900 miljoen beschikbaar via Invest-NL en € 100 miljoen via Invest International. Dit geld is voor innovatieve, duurzame en startende ondernemers, en voor bedrijven die essentieel zijn voor de Nederlandse economie. Bijvoorbeeld, omdat ze zich bezighouden met strategische technologieën zodat Nederland en de EU niet ongewenst afhankelijk zijn van (half)producten of grondstoffen uit landen elders.

Budget WBSO-regeling stijgt
De subsidie voor Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO-subsidie) is een regeling voor belastingvoordeel voor innovatie. Het budget voor de WBSO stijgt in 2025 naar € 1,5 miljard. Zo hoeven bedrijven minder belasting te betalen voor hun onderzoek en ontwikkeling en kunnen ze goedkoper innoveren. 

Genoeg ruimte voor bedrijven
Het kabinet wil dat Nederland aantrekkelijk blijft voor bedrijven. Dat is goed voor de economie. Tegelijkertijd is fysieke ruimte in Nederland schaars. Daarom investeert het kabinet in 2025 € 9,8 miljoen in het programma Ruimte voor economie. Daarmee worden geschikte bedrijfslocaties behouden en gemaakt. 

Een sterke digitale economie
De Nederlandse economie is steeds meer digitaal. We shoppen en communiceren online, bedrijven doen onderling en met consumenten digitaal zaken en we gebruiken digitale producten en diensten. Om te zorgen dat iedereen hiervan kan blijven profiteren, investeert het kabinet in 2025 in een sterkere digitale economie en -infrastructuur.

Bijvoorbeeld door de aansluiting op EU-fondsen als het Digital Europe programma wil het kabinet Nederlandse kennisinstellingen en bedrijven helpen. Hiervoor is financiering (€ 13 miljoen) beschikbaar voor innovaties die AI en digitale vaardigheden stimuleren. Ook gaat er € 11,6 miljoen naar het versterken van cybersecurity in het bedrijfsleven.

Vestigingsklimaat
Dit kabinet wil het vestigingsklimaat verbeteren. Daarom zijn enkele eerder genomen negatieve belastingmaatregelen teruggedraaid. Het gaat dan om de afschaffing van de faciliteit voor inkoop van eigen aandelen, het verlagen van de mkb-winstvrijstelling, de verhoging van de energiebelasting en de verhoging van het box 2 tarief. Daarbovenop wordt de renteaftrekbeperking in de vennootschapsbelasting naar 25% gebracht. Het vestigingsklimaat wordt daarmee gunstiger om te ondernemen, te groeien en bij te dragen aan onze brede welvaart.

30%-regeling belangrijk voor goed vestigingsklimaat
Voor een goed vestigingsklimaat is voldoende talent noodzakelijk. Waar een tekort aan talent is - zoals in onze techsectoren - dragen hoogopgeleide buitenlandse werknemers bij aan een sterker Nederlands ondernemingsklimaat. Daarom wordt de eerder voorgestelde versobering van de 30%-regeling vrijwel volledig teruggedraaid. In plaats van de stapsgewijze 30-20-10% regeling kiest dit kabinet voor een vlak tarief, met intensivering naar een 27%-regeling. Daarbij wordt wel de salarisnorm in de 30%-regeling verhoogd.

Bron: rijksoverheid.nl

Lees meer …Prinsjesdag 2024: extra ruimte, ondersteuning en waardering voor ondernemen

  • Raadplegingen: 154